Autisme en talenten – Deel 1

Autwords door

Noah Jacobi

Column 18 (25-05-2017)

Autisme en talenten

Deel 1


Onze talenten, voedingsbodem voor de toekomst

Onze talenten zijn de voedingsbodem voor de toekomst. Dat staat als een paal boven water. Bovendien zijn talenten zowat het enige dat iedereen heeft, ongeacht de maatschappelijke positie of begaafdheid.

Mensen bloeien op als ze iets met hun talenten kunnen doen, als zij voor anderen iets kunnen betekenen en als ze de kans krijgen te genieten van eenvoudige dingen. Zoals de zon op je gezicht, een wandeling in de natuur en een gesprek waarin luisteren en spreken elkaar zorgzaam afwisselen.

Maar wat is talent?

Talent is het vermogen om activiteiten schijnbaar moeiteloos te doen zodat we er meer energie uit halen dan we erin steken. We voelen er ons beter door, we halen er energie uit en het gebeurt schijnbaar moeiteloos.

Als je doet waar je goed in bent, dan vliegt de tijd. Meer zelfs, je ervaart minder of geen druk om iemand anders te moeten zijn en kan je authentieke zelf zijn. En zelfs meer, als we doen waar we goed in zijn, en authentiek zijn, worden we meer zelfsturend, nemen we meer verantwoordelijkheid, maken we autonomer keuzes en worden we een stuk sterker.

We zijn gezien: talent en de anderen

Talent lijkt echter onlosmakelijk verbonden met de invloed van anderen. We hebben het moeilijk zelf onze talenten te ervaren. Anderen moeten ze ons aanwijzen. Dat komt omdat talenten zodanig weinig energie vragen, zodanig moeiteloos gaan dat we er ons onbewust van blijven. En zelfs al wijzen anderen ons erop, dan nog neigen we ertoe ze te ontkennen. ‘Och, dat is niets, iedereen kan dat’, zeggen we al snel.

 

We moeten dus ‘gezien’ worden in onze talenten vooraleer we die talenten beginnen te waarderen en zelfs te ontwikkelen. Leerkrachten en vormingswerkers hebben dus niet als eerste opdracht leer – of werkpunten aan te wijzen (zoals doorgaans gebeurt) maar moeten net de vinger op onze talenten leggen en zeggen ‘hé, jij kan dat (erg) goed’ en ons zo motiveren in die richting verder te gaan.

Mijn eigen ervaring met mensen die ‘talenten aanwijzen’ is echter dat ze vaardigheden aanwijzen die ik net niet als ‘talent’ zou benoemen, die ik verre van positief ervaar, en eerder als beperking of last ervaar. Aan de andere kant wacht ik vaak tevergeefs op waardering voor waar ik mezelf goed in vind, wat ik goed denk te kunnen. Terwijl ik hen dan zie glimmen van de veronderstelling dat ze weer iemand gelukkig hebben gemaakt. Een beetje inlevingsvermogen kan dus nooit kwaad.

Het gebeurt natuurlijk ook dat het gewoon niet geloofwaardig overkomt als iemand een talent van mij benoemt. Meestal ontwaar ik bij hen, in de dichte mist die hen omringt, meestal een of andere schijn van strategie. Het heeft altijd wel een bijbedoeling als iemand plots over talenten begint. Welke bijbedoeling erachter steekt, weet ik helaas nooit zeker. Maar het kan niet veel goeds betekenen. Ik heb vaak het gevoel ‘gezien te zijn’. Zo van ‘jij kunt iets, bewijs het maar eens ’.

Talent en duurzaamheid

Belangrijker is het verband dat bestaat tussen talenten en duurzaamheid. Duurzaamheid of volhoudbaarheid betekent dat beslissingen op korte termijn op lange termijn energie blijven geven. Meestal wordt duurzaamheid gebruikt in bouwen en verbouwen, het aanslepen van duurzame bouwmaterialen en hernieuwbare energie enzovoort.

Wel, talent is een hernieuwbare energiebron. Het is de beste garantie om op lange termijn energie te blijven hebben. We laden er immers psychologisch en fysiek door op.

Natuurlijk is het niet realistisch dat iedereen begint te doen wat hij goed kan. Dat zou, zeker bij neurotypicals, tot massale luiheid leiden. Maar de balans tussen de inzet van onze energie en wat eruit halen is bij alle activiteiten die met onze talenten te maken hebben uitermate positief. Talent inzetten is veel duurzamer dan ‘werken aan jezelf’.

Een probleemgerichte samenleving

Helaas hebben we niet altijd de keuze. Onze samenleving staat veelal in het teken van beperkingen opsporen en die uitschakelen. Wat we hebben laten we links liggen om te ontwikkelen van wat er tekort is. In plaats van ons te focussen op wat er al is, op oplossingen, krachten en talenten die al aanwezig zijn.

Talenten, die er al zijn, inzetten vergt natuurlijk ook grote inspanningen, vergt ook af en toe afzien maar helpt ons wel een stap vooruit. We moeten alvast geen energie meer investeren in het ons eigen maken van wat vreemd is.

Graft versus host

Werken aan beperkingen doet ons niet ontwikkelen. Zeker bij mensen met autisme blijft er immers een ‘graft-versus-host’-reactie, een afstotingsreactie in onze hersenen van wat vreemd is, wat energie vreet.

Een betere manier om met beperkingen om te gaan, in plaats van ze te compenseren of te camoufleren of proberen te overstijgen, is zoeken naar oplossingen voor de effecten van wat we niet goed kunnen. Op voorwaarde dat die effecten de ontwikkeling van onze talenten of die van anderen natuurlijk belemmeren. Als het niemand kwaad kan, kunnen we er beter mee leren leven. Of ‘don’t try to fix what isn’t broken’.

Een mooi voorbeeld is dat van de chaotische agenda. Het is beter oplossingen te vinden om met een chaotische agenda afspraken toch na te komen dan energie te steken in het ordenen van de agenda. Een ander voorbeeld is toen Tiger Woods last had met zijn golfbal uit het zand te slaan. Hij oefende niet om zijn bal uit het zand te slaan maar wel om zijn bal niet in het zand te krijgen.

Geen talent om les te volgen, wel om te leren

We moeten ons dus niet focussen op onze tekorten of gaps maar op wat we al goed kunnen. Zo zijn er mensen die geen talent hebben om les te volgen in het gewone of buitengewoon onderwijs.

Deel 2, Deel 3, Deel 4, Deel 5

Wees de eerste om te reageren

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.