Mythes – Deel 6

Autwords door

Noah Jacobi

Column 6 (16-02-2017)

Mythes over (mensen met) autisme op de werkvloer …. autisme en werk

Deel 6


12. “Mijn collegaatje die naast mij zit op kantoor heeft naar eigen zeggen autisme. Zij kan zich prima uit de slag trekken, ze ziet er niets raars aan, ze trekt geen bekken en zo, en ook als er iets sociaal moet gebeuren doet ze dat. Waarom maken jullie dan zo’n probleem over dat autismevriendelijke? dat is gewoon een variatie op wat wij allemaal wel eens hebben, niets bijzonder.”

Als u zegt dat uw collega – zonder verkleinwoord – die naast u zit zich prima kan behelpen, is dat vooral haar verdienste. Als ze zegt dat ze autisme heeft, is dat vermoedelijk niet zomaar, maar wil ze een belletje doen rinkelen. Misschien heeft ze er al over verteld of wou ze eerst de term laten vallen, om te zien welk beeld u had van autisme.

Onder het ‘niet rare’ gedrag zit in veel gevallen heel wat meer dan u zou vermoeden, heel wat meer gedachten en inspanningen om zo weinig mogelijk last te veroorzaken en zoveel mogelijk goed werk te verrichten.

Het kan evengoed zijn dat zij eenmaal thuisgekomen zichzelf voor enkele uren opsluit in haar kamer en daar ontploft, terwijl u bij wijze van spreken nog een barbecueavond organiseert voor vrienden thuis tot ’s avonds laat en daar van kan genieten. Het is wel belangrijk om in te gaan op wat uw collega bedoelt met autisme en of u op een of andere manier kan bijdragen in een betere werkorganisatie of betere communicatie, zodat het voor iedereen aangenamer wordt.

Er zijn inderdaad mensen met autisme, of een vorm van autisme, die er op het eerste gezicht bizar, vreemd of ongewoon uit zien of zich op het eerste gezicht vreemd uiten of gedragen. Dat kan ook het geval zijn bij bepaalde mensen zonder autisme. Het is voor niemand echt gemakkelijk om met iedereen goed samen te werken, zeker niet als er mensen bij zijn die alleen om met gelijkgestemden of mensen die op dezelfde manier communiceren of leven zoals zij.

Het belangrijkste in werk is dat het werk goed gedaan wordt, en mensen met autisme die soms wat vreemd gedrag stellen kunnen daar vaak heel goed in bijdragen.

13. “Mensen met autisme zijn tuk op repetitief werk dat anderen meestal te min en vervelend vinden. Dertig jaar ervaring heeft mij geleerd dat handdoeken vouwen, chocolade eitjes tellen, en onderdelen sorteren een kolfje naar hun hand is. Ideaal werk voor die gastjes.”

Net zoals bij mensen zonder autisme, zijn er mensen met autisme die zich beter voelen bij bepaald, repetitief werk, maar het is volgens mij onterecht om dat te veralgemenen voor alle autisten. Het is ook niet omdat iemand autistisch is dat die geen ambities zou hebben op vlak van loopbaanplanning of geen variatie zou willen in zijn of haar werktaken. De meeste mensen met autisme hebben wel graag duidelijkheid en overzicht over welke veranderingen er aankomen, en willen meestal voldoende informatie en tijd om zich (en hun hele levensritme) daar aan te kunnen passen.  Sommige mensen kunnen inderdaad goed tellen of sorteren, maar lang niet iedereen, en niet de hele tijd.

Deel 1, Deel 2, Deel 3, Deel 4, Deel 5

 

Wees de eerste om te reageren

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.